Mijn perspectief, richtlijnen en algemene misvattingen
Mijn beagles dragen fleece truitjes en winterjasjes wanneer dat nodig is.
Dat laat ik regelmatig zien op mijn socials en daar krijg ik veel reacties op.
Sommigen vinden het er vooral schattig uitzien.
Anderen stellen oprechte vragen zoals:
- Hoe weet je of jouw hond dat nodig heeft?
- Wanneer trek je zoiets aan?
- Welk merk raad je aan?
- En hoe zit het met de maat?
Voordat ik mijn algemene richtlijnen deel, wil ik eerst iets anders doen: inzoomen op de uitspraken en misvattingen die ik het vaakst hoor zodra het over kou en honden gaat. Want pas als je begrijpt hoe kou werkt in het hondenlijf, kun je zinnige keuzes maken voor jouw eigen hond.
Veel gehoorde uitspraken (en wat er echt van klopt)
“Mijn hond heeft een vacht”
Ja, maar een vacht is geen universele winterjas.
Er is verschil tussen:
- dikke dubbele ondervacht vs. korte of fijne vacht
- droge, luchtige vacht vs. natte of samengedrukte vacht
Wind en nattigheid verminderen de isolerende werking enorm. Een hond kan dus prima een dikke vacht hebben én het koud krijgen.
“Mijn hond heeft het niet koud”
Hoe weet je dat? Veel mensen wachten tot een hond gaat rillen, maar dat is vaak een laat noodsignaal.
Subtiele en duidelijke signalen van kou:
- Beweging & houding: korte, stijve passen; minder souplesse; gespannen spieren; lagere lichaamshouding
- Gedrag & motivatie: minder initiatief; sneller willen stoppen; aarzelend of onzekere stappen
- Fysiek: trillen/rillen (laat signaal!), koude oren of poten, versnelde ademhaling
- Lichaamscompensatie: bol trekken van de rug, pootjes dichter bij het lichaam, gespannen bewegen
- Algemeen welzijn: sneller vermoeid, minder vrolijk, prikkelbaar
Tip: observeer jouw hond in verschillende omstandigheden. Net zoals mensen, reageert elke hond anders op kou.
“Door rillen wordt hij warm”
Rillen klopt, het produceert warmte via spiercontracties (shivering thermogenesis). Maar rillen:
- kost veel energie
- verhoogt de spierspanning
- leidt sneller tot vermoeidheid
- is inefficiënt vergeleken met isolatie
Kortom: rillen betekent dat het lichaam al koud is.
“Zo koud is het toch niet?”
Thermometers vertellen niet alles. Gevoelstemperatuur is vaak bepalender: wind, regen en sneeuw versnellen warmteverlies.
+5 °C met wind kan kouder aanvoelen dan 0 °C zonder wind. Dit beïnvloedt spieren, gewrichten en comfort, zeker bij training of sport.
“Je moet gewoon in beweging blijven”
Beweging genereert warmte, dat klopt. Maar:
- niet alle honden kunnen of mogen langdurig blijven bewegen
- voor en na beweging koelt het lichaam snel af
- beweging in kou kan spierspanning en compensatie veroorzaken
Loslopen is wel beter dan aan de riem lopen, omdat de hond zelf kan kiezen hoe hij beweegt. Maar ook dan is warmtebehoud beperkt.
“Mijn hond heeft geen jasje nodig” / “Zo maak je een watje van jouw hond!”
Sommige honden hebben geen extra bescherming nodig. Andere wel. Een jasje of truitje is geen overbodige luxe, het is een middel om:
- comfort te geven
- functie en herstel te ondersteunen
- pijn of stijfheid te verminderen
Met een jasje maak je geen watjes. Je kiest bewust voor verantwoorde zorg.
Risicogroepen: welke honden hebben sneller bescherming nodig?
- Jonge pups: kunnen hun lichaamstemperatuur nog niet goed reguleren
- Oudere honden: minder spiermassa, stijfere gewrichten
- Honden met aandoeningen of pijn: kou kan pijnklachten verergeren
- Honden met artrose: spieren en gewrichten reageren sneller op kou
- Honden met korte poten: dichter bij de koude grond → sneller warmteverlies
- Honden herstellende van operatie/ziekte: lagere belastbaarheid, minder beweging en verhoogde energiebehoefte voor herstel
Zelf heb ik ervaren hoe belangrijk dit kan zijn. Elsa had ooit een bevroren staart, doordat haar vacht nat was van de sneeuw en er ijsklonten in zaten. Ze heeft eenmaal een dunne vacht en de staart is een relatief klein lichaamsoppervlak. Sindsdien krijgt ze altijd een jasje dat haar staartaanzet goed bedekt.
Let op: pijn en kou zijn aan elkaar verbonden. Een koude spier of gewricht kan pijnklachten verergeren, en een hond in pijn kan sneller onderkoeld raken.

Algemene richtlijnen (die ik aanhoud voor mijn beagles)
Let op: dit zijn richtlijnen, geen vaste regels. Kijk altijd naar jouw eigen hond.
| Omstandigheden | Wat ik meestal doe |
|---|---|
| > 10 °C, droog | Geen extra bescherming nodig |
| 5–10 °C | Let op gedrag, soms fleece truitje |
| 0–5 °C | Vaak fleece of dun jasje |
| < 0 °C | Winterjasje, kortere momenten naar buiten |
| Wind / regen | Bescherming eerder nodig |
| Na training | Warm houden met fleece en extra warm deken |
| Minder soepele beweging | Extra bescherming overwegen |
Het gedrag blijft leidend. Signalen van kou, pijn of ongemak zijn subtiel en worden vaak gemist. Kijk daarom altijd goed naar jouw eigen hond.
Conclusie
Er bestaat geen vaste temperatuur die voor alle honden “te koud” is.
Wat wél bestaat, is fysiologie, individuele variatie en observatie.
Warmte vasthouden via een jasje of truitje is een verantwoorde keuze, geen overbodige luxe of vermenselijking.
Het is een middel om comfort, functie en herstel te ondersteunen, op het juiste moment, voor de juiste hond.
Tot slot
Nu ben ik heel benieuwd: draagt jouw hond een jasje in de winter, of lukt het prima zonder?
Laat het me weten in de reacties of tag ons in jouw foto’s en video’s van blije, warme honden buiten.


